Videopodcast Kees Nieuwenhuijse, Gijs Smeman en Sander Berendsen (Graafschap College / CIVON)

In gesprek met Kees Nieuwenhuijse, Sander Berendsen en Gijs Smeman van het Graafschap College en CIVON.

Kees geeft aan dat het crisisteam, waar hij bij het Graafschap College in zit, al twee weken voordat Corona ons in de greep had scenario’s had klaarliggen voor als de panden dicht moesten en om digitaal onderwijs mogelijk te maken. Ze hebben tot nu toe iedere keer voor de troepen uit kunnen lopen en zo snel kunnen reageren op nieuw beleid vanuit de overheid. Het is een aardige klus om alles draaiende te houden voor ongeveer 10.000 studenten en 850 personeelsleden. Communiceren vanuit 1 bron is daarbij het sleutelwoord, met name omdat er anders ruis ontstaat of nepnieuws verspreid kan worden. De teams zijn vanaf dag 1 volop bezig om de studenten les te geven.

Meest verrassend was de snelheid en kwaliteit waarmee omgeschakeld is van een fysieke naar een digitale omgeving. Dit gebeurde in een dag, terwijl ze op zeker een week hadden gerekend. Waar eerst in Microsoft Teams ongeveer 4 á 500 studenten zaten op een dag, zijn dat er nu 6 á 7000.

Sander Berendsen, innovatiedocent en onderzoeker op het Graafschap College, geeft aan dat het onderwijskundig wel een hele interessante tijd is met het werken op afstand. Al jarenlang hebben we het over 21-century skills en nu moeten we er opeens volop mee aan de slag en buiten onze vaste structuren en routine denken. De nadruk lag heel erg op kennisoverdracht, maar dat moeten we nu opeens helemaal omdraaien. Er worden o.a. podcasts, vlogs, opgenomen PowerPoints, digitale pub quizjes en dat is gaaf om te zien gebeuren.

Natuurlijk zagen ze bij het Graafschap College dat veel stagiaires naar huis gestuurd werden van hun stage. Dat was heel lastig, want die kwamen er, naast de reguliere klassen ook gewoon nog even bij. Vaak ook nog in halve klassen. Kees Nieuwenhuijse geeft aan dat de school heel snel heeft moeten schakelen en dat de voorkeur nu is om studenten die normaal veel met handen willen werken (doeners) op stage te laten gaan. Onze niveau 4 studenten, die vaak toch theoretischer ingesteld zijn kunnen gemakkelijker vanuit huis werken en daarvoor zal bij voorkeur dan de stage worden uitgesteld.

Verder ligt de focus nu helemaal op examineren omdat, anders dan in het VMBO, examinering in het MBO gewoon doorgaat. Het is dus nu de uitdaging om dit binnen de strenge kaders te doen en ervoor te zorgen dat er genoeg studenten diplomeren. Gebeurt dit niet dan hebben we volgend schooljaar een probleem met veel instroom en weinig uitstroom. De protocollen liggen klaar om dit veilig in te richten voor docenten en studenten. Daar zijn zelfs al pilots gedaan om, met name de stroom naar het gebouw toe, in goede banen te leiden. Daar waar het kan gaat het examineren lukken, is de verwachting.

Er wordt gehoopt dat bedrijven stagiaires toch blijven houden, bijvoorbeeld in shifts of door het beter verdelen van personeel binnen het gebouw. Verder wordt er, zo verteld Gijs Smeman, al gezocht naar alternatieven. Er zijn bedrijven die al de vraag hebben neergelegd bij CIVON om daar de projecten in de eindstage, bijvoorbeeld het werken met cobot’s, af te kunnen ronden. Bij CIVON zijn alle activiteiten afgezegd of uitgesteld en Gijs hoopt dat de activiteiten over twee weken weer langzaam op kunnen starten.

Voor de bedrijfsprojecten die in september / oktober starten hoopt iedereen binnen Engineering en Industrie dat die kunnen doorgaan. Het zou fantastisch zijn als bedrijven binnen de maakindustrie toch de niet-afgeronde projecten en/of nieuwe projecten die nog moeten worden gestart met studenten op willen pakken. Het mes snijdt dan aan beide kanten.

Sander geeft aan dat GC dicht wil aansluiten bij het bedrijfsleven en daar liggen juist nu kansen om dit opnieuw uit te vinden. Je kunt zelfs veel verder buiten de regio kijken met de huidige digitale mogelijkheden. Juist in de maakindustrie staan de bedrijven voor uitdagingen als big data en internet of things waar lectoraten en universiteiten heel ver mee zijn. Veel van deze informatie is online te vinden. Je maakt meer gebruik maken van wat anderen doen. Kees vult aan dat IT-opleidingen een enorme impuls krijgen. Ze vinden deze manier van werken ook veelal prettiger. Die ontwikkeling gaat daar heel erg snel en daar kunnen we allemaal van leren.

In de napraat wordt nog aangegeven dat er een verschuiving is binnen het technische onderwijs naar het opknippen van de lesstof in modules. Voordeel voor het bedrijfsleven is dan dat ze de werknemers veel specifieker kunnen scholen door modules uit te kiezen. Als er dan na een paar jaar een aantal modules zijn afgerond, kan het de keuze om alsnog voor het diploma te gaan vergemakkelijken.

Ook is er gepraat over de scholing van bedrijven. En dan met name op didactisch vlak. Er ligt een opgave die bij CIVON/RCT past om bedrijven te scholen hoe ze hun personeel scholen. Het scholen in nieuwe didactische technieken doet STRAX op dit moment al bij docenten in het CIVON Innovatiecentrum, maar dat zou ook moeten verschuiven richting het bedrijfsleven. Hier gaan we mee aan de slag.